Detail

Legesverordening gemeente Asten 2019

Originele publicatie downloaden:
Download het PDF bestand
Link naar originele publicatie:
Deze link gaat naar een andere site
Type bekendmaking:
Verordeningen
Postcode en huisnummer:
5721GJ 3
Publicatiedatum:
21.12.2018





Legesverordening gemeente Asten 2019

De raad van de gemeente Asten;

 

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 18 oktober 2018;

 

gehoord het advies van de Commissie Algemene Zaken en Control van 22 november 2018;

 

gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

 

 

besluit:

 

 

vast te stellen de Legesverordening gemeente Asten 2019.

 

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    ’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is.;

  • d.

    ’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • e.

    'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december.

 

Artikel 2 Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

een en ander genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

 

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

 

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • b.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

  • c.

    het raadplegen van de bij de gemeente berustende registers, leggers en plankaarten van de Dienst van het Kadaster en de openbare registers door ambtenaren, in de uitoefening van hun functie;

  • d.

    het in behandeling nemen van aanvragen van verklaringen omtrent inkomen en vermogen;

  • e.

    voor het in behandeling nemen van aanvragen om een aanlegvergunning als bedoeld in artikel 2.3.2 van de tarieventabel voor zover het de navolgende werkzaamheden betreft:

    • afgraven, ophogen, vergraven, egaliseren van gronden;

    • aanleg, verbreden of verbeteren van sloten en greppels;

    • erfbeplantingen;

    • poelaanleg;

      met welke uitvoering van werkzaamheden wordt bijgedragen aan (kleinschalige) natuurontwikkeling.

  • f.

    voor het in behandeling nemen van aanvragen om een beschikking als bedoeld in artikel 1.20.2.4 van de tarieventabel voor zover deze beschikking wordt afgegeven op grond van artikel 34 van BABW en deze wordt aangevraagd voor door de gemeente gesubsidieerde verkeerseducatieprojecten.

 

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

 

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, (elektronische) nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Onder toezending van de schriftelijke kennisgeving wordt mede verstaan verzending langs elektronische weg.

 

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 6 weken na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

 

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

 

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

 

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 2.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 3.

      onderdeel 1.4.5 (papieren verstrekking uit de basisregistratie personen);

    • 4.

      onderdeel 1.9 1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 5.

      hoofdstuk 16 (kansspelen);

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

 

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

 

Artikel 12 Inwerkingtreding en overgangsrecht

  • 1.

    De ‘Legesverordening gemeente Asten 2018’ van 12 december 2017, wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.

  • 3.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 4.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

 

Artikel 13 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Legesverordening gemeente Asten 2019.

 

 

 

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Asten

van 11 december 2018.

De raad voornoemd,

griffier,

mr. M.B.W. van Erp-Sonnemans

voorzitter,

mr. H.G. Vos

Bijlage Tarieventabel, behorende bj de legesverordening gemeente Asten 2019  

Indeling tarieventabel

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie

Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

Hoofdstuk 16 Kansspelen

Hoofdstuk 17 Kinderopvang

Hoofdstuk 18 Kabels en leidingen

Hoofdstuk 19 Verkeer en vervoer

Hoofdstuk 20 Diversen

 

Titel 2  Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordelen conceptaanvraag

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

Hoofdstuk 4 Vermindering

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

Hoofdstuk 9 Sloopmelding

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1 Horeca

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte

Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening

Hoofdstuk 6 Winkeltijdenwet

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

1.1.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap of het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk op:

(De Legesverordening van het jaar waarin de aangifte wordt gedaan is van toepassing.)

 

1.1.1.1

Maandagochtend om 9.00 uur en om 9:15 uur

Gratis

1.1.1.2

Overige uren op woensdag en op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag de gehele dag

€ 375,00

1.1.1.3

       

Zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdagen, zoals genoemd in artikel 3, eerste lid van de Algemene Termijnenwet, en dagen waarop het gemeentehuis is gesloten indien de voltrekking van het huwelijk of registratie van een partnerschap op het gemeentehuis plaatsvindt

€ 745,00

1.1.1.3.1

Zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdagen, zoals genoemd in artikel 3, eerste lid van de Algemene Termijnenwet, en dagen waarop het gemeentehuis is gesloten indien de voltrekking van het huwelijk of registratie van een partnerschap op een externe locatie plaatsvindt

€ 375,00

1.1.1.4

De bedragen genoemd in onderdelen 1.1.1.2 en 1.1.1.3.1 worden, indien de voltrekking van het huwelijk of registratie van een partnerschap op verzoek plaatsvindt:

- op een externe locatie tot 17:30 uur, verhoogd met:

- op een externe locatie tussen 17:30 en 20:00 uur, verhoogd met:

€ 140,00

 

€ 230,00

1.1.2

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:

 

1.1.2.1

een trouwboekje of partnerschapboekje in een normale uitvoering

€ 28,50

1.1.2.2

vervallen

 

1.1.2.3

een USB-stick met daarop de voltrekking van het huwelijk of de registratie van het partnerschap

€ 12,50

1.1.2.4

vervallen

 

1.1.3

vervallen

 

1.1.4

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

1.2.

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.2.1

Van een nationaal paspoort:

 

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

1.2.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1 (zakenpaspoort):

 

1.2.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

1.2.3

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

 

1.2.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

1.2.4

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

€ 53,95

1.2.5

van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.2.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 56,80

1.2.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 29,95

1.2.5.3

van een Vervangende Nederlandse identiteitskaart (artikel 23 b Paspoortwet)

€ 29,95

1.2.6

vervallen

 

1.2.7

voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemde documenten, de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van

€ 48,60

1.2.8

Het tarief voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een tweede paspoort bedraagt hetzelfde als voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een eerste paspoort zoals hiervoor aangegeven.

 

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs

  

€ 39,75

1.3.2

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met

€ 34,10

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

1.4.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, met uitzondering van de onderdelen 1.4.3 en 1.4.4, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

 

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking

€ 11,00

1.4.3

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie voor ieder daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan

€ 24,10

1.4.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een persoonslijst

€ 11,00

1.4.5

vervallen

 

1.4.6

Het verstrekken van schriftelijke inlichtingen uit de basisregistratie aan geautoriseerde afnemers en bijzondere derden

€ 2,27

1.4.7

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een bewijs van opneming in de basisregistratie:- voor één persoon

€ 11,00

1.4.8

In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens als bedoeld in artikel 17, tweede lid van het Besluit basisregistratie personen

€ 2,27

1.4.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verrichten van een nasporing in het persoonskaartenarchief, ongeacht het resultaat die opsporing, per daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan

€ 24,10

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een inlichting betreffende de registratie van de aanvrager als kiezer bedoeld in artikel D4 van de Kieswet

€ 11,15

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens

Niet van toepassing

 

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

Niet van toepassing

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8.1.1

tot het verstrekken van een fotokopie van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurplan of stadsvernieuwingsplan:

 

 

in formaat A3, A4 of kleiner, per bladzijde

€ 0,50

1.8.1.2

tot het verstrekken van een lichtdruk van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurplan of stadsvernieuwingsplan, groter dan A3

€ 10,00

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

 

1.8.2.1

de inschrijving in het register bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Monumentenwet 1988

€ 0,50

1.8.2.2

het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen

€ 28,90

1.8.3

Het tarief bedraagt voor het op verzoek verstrekken van digitale bestanden, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 24,10

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1

tot het verkrijgen van een verklaring omtrent het gedrag zoals dit tarief is opgenomen in de Regeling vergoeding verklaring omtrent het gedrag en gedragsverklaring aanbesteden.

 

1.9.2

vervallen

 

1.9.3

tot het verkrijgen van een legalisatie van een handtekening

€ 11,15

1.9.4

Indien de gegevens in dit hoofdstuk per post of per fax worden toegezonden, worden de kosten verhoogd met

€ 3,15

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 24,10

1.10.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van (digitale) afschriften, scans of fotokopieën van een in het gemeentearchief berustend stuk, per pagina op:

- A4 of A3 formaat, verschuldigd vanaf een totaalbedrag van

 

 

€ 2,00 of meer

€ 0,50

 

- groter dan A 3 formaat

€ 10,25

1.10.3

Indien de stukken moeten worden toegestuurd worden de in 1.10.1 genoemde bedragen verhoogd met

€ 6,95

1.10.4

Het tarief bedraagt voor het op verzoek digitaal verstrekken van digitale bestanden

Gratis

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet

Niet van toepassing

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1

tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

€ 261,60

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie

1.13

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het instemmen met het wijzigen of omzetten van een door de gemeente gegarandeerde hypothecaire geldlening

   

€ 199,40

Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen

Niet van toepassing

 

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

Niet van toepassing

 

Hoofdstuk 16 Kansspelen

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen dan wel voor een verlenging van deze vergunning

 

1.16.1.1

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een tijdvak van 12 maanden

€ 56,50

1.16.1.2

   

voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een tijdvak van 12 maanden

€ 22,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een tijdvak van 12 maanden

€ 34,00

1.16.1.3

Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing, Indien de vergunning geldt voor een tijdvak, korter dan 12 maanden of langer dan 12 maanden doch ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de in het eerste lid bedoelde maximumbedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd onderscheidenlijk verhoogd wordt.

 

1.16.1.4

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een tijdvak van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd

€ 226,50

1.16.1.5

voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd

€ 90,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, vermeerderd met het product van het aantal speelautomaten, waarvoor vergunning geldt

€ 136,00

1.16.2

Indien de aanvraag betrekking heeft op een verzoek tot het overschrijven van de vergunning op naam van een ander dan aan wie zij is verleend, vinden de tarieven onder 1.16.1 overeenkomstig toepassing

 

1.16.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

€ 48,95

1.16.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor de exploitatie van een speelautomatenhal krachtens de “Verordening speelautomatenhallen gemeente Asten”

   

€ 411,20

1.16.5

Het tarief bedraagt voor het wijzigen van een vergunning voor de exploitatie van een speelautomatenhal krachtens de “Verordening speelautomatenhallen gemeente Asten”

€ 205,60

Hoofdstuk 17 Kinderopvang

1.17.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in artikel 1.45 Wet Kinderopvang (Wko) voor:

 

1.17.1.1

Het in exploitatie nemen van een kindercentrum of gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid, Wko

€ 937,00

1.17.1.2

Het in exploitatie nemen van een voorziening voor gastouderopvang als bedoeld in artikel 1.45, tweede lid, Wko

€ 541,75

1.17.1.3

Het in exploitatie nemen van een voorziening voor gastouderopvang, als bedoeld in artikel 1.45 tweede lid Wko, waarbij de houder van de voorziening, de gastouder, al in het landelijke register (lrkp) is opgenomen met een andere voorziening of waarbij het opvangadres al is geregistreerd als adres waar een voorziening voor gastouderopvang is gevestigd, waarbij niet langer dan 3 jaar (peildatum aanvraag) een onderzoek heeft plaatsgevonden.

€ 448,75

 

De aanvrager geeft bij de aanvraag, naast alle benodigde documenten, het registratienummer door waarmee de al onderzochte opvang is geregistreerd en ook de datum waarop het onderzoek heeft plaatsgevonden.

 

Hoofdstuk 18 Kabels en leidingen

1.18.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag, als bedoeld in artikel 2.2 en 3.2 van de Verordening Ondergrondse Infrastructuur Asten 2014, waarbij de graaflengte < 100 m1 is of een montagegat c.q. lasgat met een oppervlakte van > 2 m2

€ 192,34

1.18.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag, als bedoeld in artikel 2.2. en 3.2 van de Verordening Ondergrondse Infrastructuur Asten 2014, waarbij de graaflengte ≥ 100 m1 is

€ 384,68

1.18.3

Het tarief genoemd onder 1.18.1 en 1.18.2 wordt vermeerderd met een bedrag per strekkende meter

 

 

sleuflengte voor zover binnen de bebouwde kom gelegen van

€ 1,85

1.18.4

Het tarief genoemd onder 1.18.1 en 1.18.2 wordt vermeerderd met een bedrag per strekkende meter over de totaal bemeten sleuflengte, voor zover buiten de bebouwde kom gelegen. Dit bedrag is als volgt opgebouwd:

 

 

1. tot 2000 m1 per strekkende sleuflengte

€ 1,32

 

2. over de lengte langer dan 2000 m1 per strekkende sleuflengte

€ 0,78

1.18.5

Voor degene aan wie het recht als bedoeld onder 1.18.1 tot en met 1.18.4 in rekening is gebracht bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges, indien de aanvraag wordt ingetrokken voordat hierop een beslissing is genomen, óf als de gemeente de aanvraagt weigert of buiten behandeling stelt. De teruggaaf bedraagt: 50%.

 

 Hoofdstuk 19 Verkeer en vervoer

1.19

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.1

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

€ 59,20

1.19.2

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

€ 40,15

1.19.3

tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

  • 1.

    met medisch advies

  • 2.

    zonder medisch advies

€ 114,15

€ 14,50

1.19.4

tot het inrichten van een individuele gehandicaptenparkeerplaats met bord en kenteken

€ 184,05

1.19.5

tot het verkrijgen van een vergunning betreffende het houden van wedstrijden met voertuigen, ingevolge artikel 148 van de Wegenverkeerswet 1994

€ 131,55

1.19.6

Voor de ontheffing van het gebruik van de parkeerschijf in een blauwe zone per keer of per mutatie met een geldigheidsduur van vier jaren:

€ 49,20

1.19.7

tot verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 lid 2.b van de Parkeerverordening centrumgebied Gemeente Asten 1996:

 

 

- voor een dagvergunning per dag

€  3,35

 

- voor een weekvergunning van zes dagen

€   17,10

1.19.8

tot verkrijgen van een tijdelijke verkeersmaatregel voor het instellen van een parkeerverbod als bedoeld in artikel 34 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW)

€ 27,40

1.19.9

tot verkrijgen van een tijdelijke verkeersmaatregel voor het afsluiten van weggedeelte(n) voor alle verkeer, behalve voetgangers, in beide richtingen als bedoeld in artikel 34 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW)

€ 27,40

Hoofdstuk 20 Diversen

1.20.1

Het tarief bedraagt voor het verlenen van een vergunning:

 

 

1.20.1.1

Ingevolge artikel 5:18 van de Algemene Plaatselijke Verordening (standplaatsvergunning)

€ 69,30

 

1.20.1.2

Ingevolge artikel 5:13 van de Algemene Plaatselijke Verordening (collectevergunning)

€ 57,95

 

1.20.1.3

Ingevolge artikel 5:15 van de Algemene Plaatselijke Verordening (ventvergunning) met een geldigheidsduur van:

a. één dag of gedeelte daarvan

€ 10,55

 

 

b. één kalenderweek of gedeelte daarvan

€ 22,80

 

 

c. één kalendermaand of gedeelte daarvan

€ 55,55

 

 

d. één kalenderkwartaal of gedeelte daarvan

€ 106,15

 

 

e. één kalenderjaar of gedeelte daarvan

€ 183,00

 

1.20.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

 

1.20.2.1

gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 2,70

 

1.20.2.2

(digitale) afschriften, scans of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen per pagina van

- A4 of A3 formaat, verschuldigd vanaf een totaalbedrag van

 

 

 

€ 2,00 of meer

€ 0,50

 

 

- groter dan A3 formaat

€ 10,50

 

1.20.2.3

(digitale) kaarten, tekeningen, al dan niet behorend bij de in de onderdelen 1.20.2.1 en 1.20.2.2 genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening of lichtdruk van

- A4 of A3 formaat, verschuldigd vanaf een totaalbedrag van

 

 

 

€ 2,00 of meer

€ 0,50

 

 

- groter dan A3 formaat

€ 10,25

 

1.20.2.4

een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

€ 27,40

 

1.20.2.5

Stukken, verklaringen, bewijsstukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 11,05

 

1.20.2.6

Indien de stukken moeten worden toegestuurd worden de in 1.20.1 t/m 1.20.5 genoemde bedragen verhoogd met

€ 6,95

 

1.20.3

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een ontheffing als bedoeld in artikel 4:6 (geluid/lichtontheffing) van de Algemene Plaatselijke Verordening bedraagt het tarief met een geldigheidsduur van:

 

 

 

a. één dag of gedeelte daarvan

71,65

 

 

b. één kalenderweek of gedeelte daarvan

€ 104,60

 

 

c. één kalendermaand of gedeelte daarvan

€ 147,90

 

 

d. één kalenderkwartaal of gedeelte daarvan

€ 187,65

 

 

e. één kalenderjaar of gedeelte daarvan

€ 448,20

 

1.20.4

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een ontheffing als bedoeld in artikel 5:34 lid 3 van de Algemene Plaatselijke Verordening (stookontheffing) bedraagt het tarief

€ 60,15

 

1.20.5

Het tarief bedraagt voor het op verzoek verstrekken van digitale bestanden, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 24,10

 

1.20.6

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing op grond van artikel 4:18 lid 3 van de Algemene Plaatselijke Verordening Asten voor recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen bedraagt het tarief

€ 27,40

1.20.7

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing op grond van artikel 2:6 lid 4 van de Algemene Plaatselijke Verordening (flyerontheffing) bedraagt het tarief

€27,40

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 

 

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (aannemingssom), de omzetbelasting niet inbegrepen, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voorvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het aanleggen) van de werken of werkzaamheden, de omzetbelasting niet inbegrepen en indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting niet inbegrepen.

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 

 

Bij het bepalen van de hoogte van de bouwkosten wordt uitgegaan van de actuele prijzen per eenheid zoals die jaarlijks worden vastgesteld door het ROEB (Regionaal Overleg Eindhoven Bouwtoezicht) en bij deze tarieventabel als bijlage I zijn opgenomen.

Indien de bouwkosten niet kunnen worden bepaald aan de hand van het hiervoor genoemde ROEB-overzicht, wordt onder bouwkosten verstaan:

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (aannemingssom), de omzetbelasting niet inbegrepen, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voorvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting niet inbegrepen en indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting niet inbegrepen.

 

2.1.1.3

sloopkosten:

 

 

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de sloopkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien het slopen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder sloopkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het slopen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft; 

 

2.1.1.4

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

 Hoofdstuk 2 Vooroverleg

2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een:

 

2.2.1

verzoek om principe-uitspraak (college)

€ 560,00

2.2.2

aanvraag om een concept-uitspraak om een omgevingsvergunning

€ 206,00

2.2.2.1

Welstandstoets

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.2.2 bedraagt het tarief voor het beoordelen van een conceptaanvraag aan redelijke eisen van welstand

€ 108,00

2.2.2.2

Brandveiligheidstoets

 

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.2.2 bedraagt het tarief voor het beoordelen van een conceptaanvraag aan brandveiligheidseisen

€ 108,00

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.1.1.1

indien de bouwkosten minder dan € 50.000,= bedragen:

van de bouwkosten, met een minimum van € 300,=

4,98%

2.3.1.1.2

indien de bouwkosten € 50.000,= tot € 150.000,= bedragen:

van de bouwkosten, met een minimum van € 2.490,=

3,36%

2.3.1.1.3

indien de bouwkosten € 150.000,= tot € 500.000,= bedragen:

van de bouwkosten, met een minimum van € 5.040,=

2,75%

2.3.1.1.4

indien de bouwkosten € 500.000,= tot € 1.000.000,= bedragen:

van de bouwkosten, met een minimum van € 13.750,=

 2,62%

2.3.1.1.5

indien de bouwkosten € 1.000.000,= of meer bedragen:

van de bouwkosten met een minimum van € 24.100,= en een maximum van € 500.000,=

2,41%

2.3.1.2

Extra welstandstoets

 

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief voor elke 3e en volgende welstandsbehandeling:

€ 108,00

2.3.1.3

Verplicht advies agrarische commissie

 

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie wordt beoordeeld:

 

€ 869,00

2.3.1.4

Achteraf ingediende aanvraag

 

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit:

   

10%

 

van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges met een maximum van € 1.000,00.

 

2.3.1.5

Beoordeling gewijzigde gegevens

 

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van gewijzigde gegevens die worden ingediend nadat de in dat onderdeel bedoelde aanvraag al in behandeling is genomen:

     

€ 269,00

2.3.1.6

Extra toets Verordening ruimte 2014

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de aanvraag getoetst moet worden aan de rechtstreeks werkende regels uit de Verordening ruimte 2014

€ 1.857,00

 

 

 

2.3.2

Activiteit ‘werk of werkzaamheden uitvoeren’

 

2.3.2.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 564,00

 

 

 

2.3.3

Activiteit ‘handelen in strijd met de regels ruimtelijke ordening (met samenloop)’

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1:

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 448,00

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking):

€ 599,00

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

€ 7.553,00

2.3.3.4

indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking):

€ 599,00

2.3.3.5

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 599,00

2.3.3.6

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 1.330,00

2.3.3.7

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 1.330,00

2.3.3.8

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

 

€ 599,00

2.3.3.9

Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwplan waarvoor vergunning moet worden verleend met toepassing van een vrijstelling of ontheffing op grond van de Bouwverordening

   

€ 448,00

2.3.3.10

Extra toets Verordening ruimte 2014

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de aanvraag getoetst moet worden aan de rechtstreeks werkende regels uit de Verordening ruimte 2014

€ 1.857,00

 

 

 

2.3.4

Activiteit ‘handelen in strijd met de regels ruimtelijke ordening (zonder samenloop)’

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.4.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

 

€ 448,00

2.3.4.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking):

 

€ 599,00

2.3.4.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

€ 7.553,00

2.3.4.4

indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking)

€ 599,00

2.3.4.5

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 599,00

2.3.4.6

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 1.330,00

2.3.4.7

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 1.330,00

2.3.4.8

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 448,00

 

 

 

 

2.3.5.1

Activiteit ‘brandveilig gebruik’

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

Cat. t/m 100 m²

€ 538,00

 

Cat. 2 van meer dan 100 m² t/m 500 m²

€ 376,00 +

€ 1,57 p.m²

 

Cat. 3 van meer dan 500 m² t/m 2.000 m²

€ 1.161,00 +

€ 0,44 p.m²

 

Cat. 4 van meer dan 2.000 m² t/m 5.000m²

€ 2.041,00 +

€ 0,13 p.m²

 

Cat. 5 van meer dan 5.000 m2 t/m 50.000 m²

€ 2.691,00 +

€ 0,012 p.m²

 

Cat. 6 van meer dan 50.000 m² 

€ 3.291,00 +

€ 0,01 p.m²

2.3.5.2

Vervallen

 

2.3.5.3

Indien een aanvraag om een vergunning betrekking heeft op een vergunning tot wijziging dan wel uitbreiding van een vergunning als bedoeld in onderdeel 2.3.5.1 dan bedraagt het legestarief indien het betreft:

 

 

a. uitbreiding van de inrichting: het legestarief vermeld in onderdeel 2.3.5.1 met dien verstande dat de toeslag uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van de uitbreiding

 

 

b. gewijzigd gebruik van de gehele inrichting:

50% van het legestarief vermeld in onderdeel 2.3.5.1

 

 

c. gewijzigd gebruik van een gedeelte van de inrichting:

50% van het legestarief vermeld in onderdeel 2.3.5.1 met dien verstande dat de toeslag uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van het gewijzigde gedeelte

 

 

 

 

2.3.6

Activiteit 'handelen met gevolgen voor beschermde monumenten'

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale verordening of de Monumentenverordening Asten 2008 aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening of artikel 10, tweede lid, van die gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

 

2.3.6.1.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

Gratis

2.3.6.1.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

Gratis

2.3.6.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, van de Wabo, op het slopen van een bouwwerk in een krachtens provinciale verordening of de Monumentenverordening Asten 2008 aangewezen stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder c, van de Wabo, waarvoor op grond van die provinciale verordening of artikel 10, tweede lid, van die gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

Gratis

 

 

 

2.3.7

Activiteit ‘slopen’

 

2.3.7.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk bedraagt het tarief:

 

2.3.7.1.1

in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, of waarvoor op grond van een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo:

€ 448,00

 

 

 

2.3.8

Activiteit ‘aanleggen of veranderen van een weg’

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 134,00

 

 

 

2.3.9

Activiteit ‘uitrit aanleg’

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 134,00

 

 

 

2.3.10

Activiteit ‘kappen van een houtopstand’

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4:11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:

Indien voor de aanvraag tevens leges zijn verschuldigd op grond van onderdeel 2.3.2.1, zijn geen leges verschuldigd op grond van onderdeel 2.3.10.

 

         

€ 58,00

 

2.3.11

Handelsreclame

 

2.3.11.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor publiek toegankelijke plaats, waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4:15 van de Algemene Plaatselijk Verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief

€ 134,00

2.3.11.2

Indien de activiteit bestaat uit het maken of voeren van die handelsreclame bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid onder h van de Wabo:

€ 134,00

2.3.11.3

Indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat die handelsreclame aan de onroerende zaak wordt gemaakt of gevoerd, bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder i, van de Wabo:

€ 134,00

 

 

 

2.3.12

Activiteit in het kader van de wet algemene bepalingen omgevingsrecht juncto de Wet natuurbescherming

Natura 2000-activiteiten

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van omgevingsvergunning betrekking heeft op een project of het verrichten van een andere handeling als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder j, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten

€ 599,00

 

 

 

2.3.13

Flora- en fauna-activiteiten (bescherming van soorten)

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een handeling als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid, onder k, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is

€ 599,00

 

 

 

2.3.14

Andere activiteiten

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 448,00

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

       

€ 448,00

2.3.14.2.1

Als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning.

 

2.3.14.2.2

Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning, bedraagt het tarief:

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

 

 

 

2.3.16

Beoordeling bodemrapport

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:

 

2.3.16.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport

€ 140,00

2.3.16.2

voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport

€ 457,00

 

2.3.17

Advies

 

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij algemene maatregel van bestuur, provinciale of gemeentelijke verordening aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel 2.26, derde lid, van de Wabo: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.17.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

 

 

 

2.3.18

 

Verklaring van geen bedenkingen

 

2.3.18.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

 

2.3.18.1.1

indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven wordt aangesloten bij de in titel 2 van toepassing zijnde tarieven.

 

2.3.18.1.2

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.18.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.18.1.2 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Hoofdstuk 4 Vermindering

2.4.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om een principe-uitspraak of concept-uitspraak als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van de principe-uitspraak of concept-uitspraak geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3, mits deze aanvraag binnen 6 maanden na afronding van de aanvraag principe-uitspraak of concept-uitspraak is gedaan, met dien verstande dat geen teruggave plaatsvindt.

 

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten

 

 

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouwactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

 

2.5.1.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van vier weken na het in behandeling nemen ervan

50%

2.5.1.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken na vier weken na het in behandeling nemen ervan

25%

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten

 

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouwactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 2 jaren na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt:

25%

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten

 

2.5.3.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouwactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

     

10%

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

 

2.5.4

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

 

Een bedrag minder dan € 50,00 wordt niet teruggegeven.

 

2.5.5

Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen

 

 

Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.16 en 2.3.17 wordt geen teruggaaf verleend.

 

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

2.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is:

€ 66,00

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

2.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar het oordeel van de gemeente , geringe wijziging in het project:

€ 280,00

Hoofdstuk 8 Bestemmingsplanwijzigingen

2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening

€ 8.934,00

2.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, lid 1, onder a van de Wet ruimtelijke ordening

€ 3.145,00

2.8.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van schriftelijke verzoeken om een principe-uitspraak over het verlenen van medewerking aan een herziening, wijziging of uitwerking van een bestemmingsplan

€ 570,00

2.8.4

Indien binnen 6 maanden na de principe-uitspraak over hetzelfde onderwerp een aanvraag als opgenomen in titel 2 wordt gedaan, dan wordt het legesbedrag genoemd in onderdeel 2.8.3 op verzoek in mindering gebracht op de voor de aanvraag in rekening te brengen leges met dien verstande dat er geen teruggave plaatsvindt.

 

Hoofdstuk 9 Sloopmelding

2.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een sloopmelding als bedoeld in artikel 8.2.1 van de Bouwverordening

Gratis

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

2.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 272,00

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1 Horeca

3.1.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning:

 

3.1.1

ingevolge de Drank- en Horecawet

€ 420,75

3.1.2

Ingevolge artikel 2:28 van de Algemeen Plaatselijke Verordening (exploitatie horecabedrijf), indien de aanvrager reeds beschikt over een op grond van de Drank- en Horecawet verplichte vergunning

€ 181,30

3.1.3

Ingevolge artikel 2:28 van de Algemeen Plaatselijke Verordening (exploitatie horecabedrijf) indien de aanvraag niet vergunningplichtig is op grond van de Drank- en Horecawet

€ 181,30

3.1.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet

€ 27,30

3.1.5

Het tarief voor het wijzigen van een vergunning voor leidinggevenden bedraagt

€ 119,45

3.1.6

Het tarief voor het wijzigen van een inrichting bedraagt het legestarief vermeld in onderdeel 3.1.1 waarbij 10% in mindering wordt gebracht

 

3.1.7

Indien de gevraagde vergunning niet wordt verleend, wordt op aanvraag een teruggaaf van de geheven leges als bedoeld in 3.1.1 en 3.1.3 verleend. De hoogte van de teruggaaf wordt gesteld op het bedrag waarmee de geheven leges een bedrag van € 50,00 te boven gaan.

 

3.1.8

Indien na het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, deze aanvraag wordt ingetrokken voordat de vergunning wordt verleend, wordt op aanvraag een teruggaaf van de geheven leges als bedoeld in 3.1.1 verleend. De hoogte van de teruggaaf wordt gesteld op het bedrag waarmee de geheven leges een bedrag van € 50,00 te boven gaan.

 

3.1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing (sluitingsuur) als bedoeld in artikel 2:29 van de Algemene Plaatselijke Verordening geldig voor één etmaal:

€ 27,75

 Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

 

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), indien het betreft:

 

3.2.1.1

een evenement vanaf 100 bezoekers

€ 54,95

3.2.1.2

een evenement vanaf 500 bezoekers

€ 274,65

3.2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunning voor het organiseren van een snuffelmarkt als bedoeld in artikel 5:23 van de Algemene plaatselijke verordening

€ 27,75

3.2.3

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning ingevolge artikel 2:25 van de APV ten behoeve van het gebruik van een in dit artikel omschreven bouwsel, niet zijnde een bouwwerk bedraagt het tarief:

 

 

Cat. 1 t/m 100 m²

€ 538,00

 

Cat. 2 van meer dan 100 m² t/m 500 m² 

€ 376,00+

 

 

€ 1,57 p.m²

 

Cat. 3 van meer dan 500 m² t/m 2.000 m²

€ 1.161,00

 

 

€ 0,44 p.m²

 

Cat. 4 van meer dan 2.000 m² t/m 5.000m²

€ 2.041,00+

 

 

€ 0,13 p.m²

 

Cat. 5 van meer dan 5.000 m2 t/m 50.000 m²

€ 2.691,00

 

 

€ 0,012p.m²

 

Cat. 6 van meer dan 50.000 m²

€ 3.291,00

 

 

€ 0,01 p.m²

 

3.2.4

 

Indien een aanvraag om een vergunning als bedoeld in onderdeel 3.2.3 betrekking heeft op het tijdelijke gebruik van een bouwwerk ten behoeve van een evenement (gebruiksduur maximaal 4 weken)

 

10% van het legestarief vermeld in onderdeel 3.2.3

3.2.5

Indien een aanvraag om ontheffing of vergunning tijdens de behandeling door de aanvrager wordt ingetrokken of wordt geweigerd, worden de volgens de leden 3.2.3 en 3.2.4 berekende leges, met 50% verminderd.

 

 Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

3.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:

 

3.3.1

een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3:4 van de Algemene plaatselijke verordening, voor een seksinrichting of escortbedrijf

€ 6.611,25

3.3.2

wijziging van een exploitatievergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in 3:4 van de Algemene plaatselijke verordening voor een seksinrichting of escortbedrijf

€ 119,45

3.3.3

Een geschiktheidsverklaring als bedoeld in artikel 3 van de Nadere regels Seksinrichtingen

€ 187,70

Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte

Niet van toepassing

 

Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening

Niet van toepassing

 

Hoofdstuk 6 Winkeltijdenwet

 

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.6.1

voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet

€ 113,50

3.6.2

tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 3.6.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

€ 64,75

3.6.3

tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel 3.6.1 bedoelde ontheffing

€ 64,75

 

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

3.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 27,40

  

Behorende bij raadsbesluit van 11 december 2018

 

De griffier van Asten,

mr. M.B.W. van Erp-Sonnemans

 

Bijlage I ROEB-lijst (bouwkosten) 2019